Voordat het college van Burgemeester en Wethouders een besluit als bedoeld in artikel 24, eerste lid, neemt, wordt de medewerker in de gelegenheid gesteld aan het college van Burgemeester en Wethouders zijn voorkeur voor maximaal drie functies kenbaar te maken. Op het moment dat de medewerker zijn voorkeur kenbaar maakt dient hij tevens aan te geven of hij wenst te worden gehoord door de herplaatsingscommissie.