Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 1.

Regels rond verstrekking en verantwoording

Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning

1.1. Verstrekking van een toegekende individuele voorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget vindt plaats op verzoek van de aanvrager. 1.2. Verstrekking als persoonsgebonden budget vindt niet plaats indien: het een vervoersvoorziening betreft waar het collectief vervoerssysteem in kan voorzien; op grond van aanwijzingen die tijdens het onderzoek duidelijk zijn geworden het ernstige vermoeden bestaat dat de aanvrager problemen zal hebben bij het omgaan met een persoonsgebonden budget; op grond van de progressiviteit van het ziektebeeld de aangevraagde voorziening zo snel weer door een aangepaste voorziening vervangen dient te worden dat deze verstrekking zich daardoor niet leent voor een persoongebonden budget. 1.3. Een sportrolstoel wordt uitsluitend verstrekt als persoonsgebonden budget. Het bedrag van dit persoonsgebonden budget bedraagt € 2.595,-, welk bedrag bedoeld is als tegemoetkoming in aanschaf en onderhoud van een sportrolstoel voor een periode van drie jaar. 1.4. De directeur van de Afdeling Samenleving stelt regels over de verantwoording van het persoonsgebonden budget door de budgethouder.

Rechtspraak bij dit artikel