In deze verordening wordt verstaan onder:
Adres: een benaming, bestaande uit een combinatie van woonplaatsnaam, naam openbare ruimte en nummeraanduiding, die door het college van burgemeester en wethouders is toegekend aan een als zodanig aangewezen adreseerbaar object (i.c. een verblijfsobject).
Afgebakend terrein: een terrein met afsluitbare toegang, waarop zich geen bouwwerken bevinden.
Bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond en bedoeld om ter plaatse te functioneren.
College: het college van burgemeester en wethouders.
Complex: een afgebakend samengesteld geheel van onroerende zaken (industriecomplex, kazernecomplex, agrarisch complex, jachthavencomplex, etc.).
Gebouw: elk bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.
Ligplaats: een deel van het openbare water dat bestemd is voor het permanent afmeren van een (woon)schip of een woonark.
Nummer: een nummer bestaande uit een of meer Arabische cijfers, al dan niet met toevoeging van een letter of een cijfer of combinatie van letters en cijfers.
Openbare ruimte: alle voor het openbaar rij- of ander verkeer openstaande wegen of paden, pleinen, plaatsen, plantsoenen, bruggen, viaducten, knooppunten of daarmee vergelijkbare plaatsen of constructies en alle wateren die, al dan niet met enige beperking, voor het publiek bevaarbaar of anderszins toegankelijk zijn, alsmede daarin begrepen alle bouwwerken die daarvan onderdeel uitmaken.
Pand: de kleinste, bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig constructief zelfstandige eenheid, die direct en duurzaam met de aarde is verbonden.
Rechthebbende: eenieder die krachtens eigendom of een beperkt zakelijk recht de beschikking heeft over een onroerende zaak alsmede de beheerder.
Regelingen: de door het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke ordening en Milieubeheer vastgestelde regelingen:
Regeling Basis gebouwen registratie (BRG);
Regeling Basis adressenregistratie (BRA);
Objectenhandboek Basis Gebouwen Registratie (BGR).
Standplaats: een kavel, bestemd voor het plaatsen van een woonwagen, waarop (nuts)voorzieningen aanwezig zijn.
Uitvoeringsvoorschriften: door het college van burgemeester en wethouders op te stellen bepalingen van technische en administratieve aard.
Verblijfsobject: de kleinste binnen één of meerdere panden gelegen en voor woon-, bedrijfsmatige- of recreatieve doeleinden geschikte eenheid van gebruik, die ontsloten wordt via een eigen toegang vanaf de openbare weg, een erf of een gedeelde verkeersruimte en die onderwerp kan zijn van rechtshandelingen.
Woonplaats: een door heet college aangewezen gebied waaraan een woonplaatsnaam is toegekend.