**1..** Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, sub g, onderdeel 5 en 6, van de Wet kan voor de in artikel 7.1, sub b en c, genoemde voorziening in aanmerking worden gebracht, indien hij door aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of functiebeperking in belangrijke mate is aangewezen op zittend zich verplaatsen in en om de woning en hulpmiddelen die verstrekt worden op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten of een andere wettelijke regeling geen adequate oplossing bieden.
**2..** Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, sub g, onderdeel 5 en 6, van de Wet kan voor de in artikel 7.1, sub d, genoemde voorziening in aanmerking worden gebracht, indien aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of functiebeperking sportbeoefening zonder sportrolstoel onmogelijk maken.
Hoofdstuk 7
Artikel 7.3
Het recht op een rolstoelvoorziening en een sportrolstoel
Onderdeel van Verordening Voorzieningen Maatschappelijke Ondersteuning 2011