Onverminderd het bepaalde in artikel 5 kan het college een vergunning voor een vaste standplaats intrekken dan wel tijdelijk schorsen, indien de vergunninghouder of diens vervanger of een persoon die hem bijstaat:
a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunning overtreedt;
b. zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;
c. niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet dat wordt geheven op grond van artikel 229, lid 1, onderdeel a en b van de Gemeentewet;
d. de marktmeester en of de bij besluit van het college aangewezen personen belast met het toezicht belemmert in het uitoefenen van de functie, dan wel de door hen gegeven aanwijzingen niet opvolgt.
Hoofdstuk 3
Artikel 8
Intrekking en schorsing vaste standplaatsvergunning
Onderdeel van Verordening op de warenmarkten voor de gemeente Kerkrade