**1..** Het is verboden op of aan de weg een fiets, een bromfiets of
een gelijksoortig voertuig te plaatsen of te laten staan tegen
een raam, een raamkozijn, een deur, de gevel van een gebouw dan
wel in de ingang van een portiek, indien:
dit in strijd is met de uitdrukkelijk verklaarde wil
van de gebruiker van dat gebouw of dat portiek;
daardoor die ingang versperd wordt.
**2..** Het is verboden een fiets, een bromfiets of een gelijksoortig
voertuig op zodanige wijze op een voetpad of trottoir te
plaatsen of te laten staan, dat de doorgang daardoor wordt
belemmerd.
**3..** Het college kan, ter voorkoming van overlast en ontsiering van
het straatbeeld, gebieden aanwijzen waar het verboden is een
fiets, een bromfiets of een gelijksoortig voertuig buiten de
daarvoor aanwezige stallingmogelijkheden te plaatsen of te laten
staan.
**4..** Het is verboden op de door de burgemeester aangewezen uren en
plaatsen zich met een fiets, bromfiets of een gelijksoortig
voertuig te bevinden op een terrein waar een evenement,
bijeenkomst of plechtigheid wordt gehouden.
HOOFDSTUK B › Afdeling 5
Artikel B.5.10
Neerzetten van fietsen, bromfietsen of gelijksoortige voertuigen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2005