- Het is verboden op of aan een openbare plaats alcoholhoudende
drank te nuttigen indien dit gepaard gaat met gedragingen die de
openbare orde verstoren, het woon- en leefklimaat aantasten of
anderszins overlast veroorzaken.
- Het is verboden op een openbare plaats, die deel uitmaakt van de
navolgende gebieden, alcoholhoudende drank te nuttigen of
aangebroken flessen, blikjes en dergelijke met alcoholhoudende drank
bij zich te hebben:
elk gebied binnen een straal van 100 meter rond een station,
bushalte of een
taxistandplaats;
winkelcentra, parkeergarages en overkappingen, alsmede het gebied
dat om een dergelijk object is gelegen, te weten het gebied binnen
een afstand van 100 meter van de buitenste grenzen van dat
object;
onder bruggen, viaducten en in tunnels, alsmede het gebied binnen
een straal van 100 meter van de buitenste grenzen van dat
object;
andere door het college aangewezen gebieden.
- Het bepaalde in het eerste en tweede lid geldt niet voor:
een terras dat deel uit maakt van een inrichting, als bedoeld in
artikel 1 van de Drank- en Horecawet;
de plaats, niet zijnde een inrichting, als bedoeld onder a, waarvoor
een ontheffing geldt krachtens artikel 35 van de Drank- en
Horecawet.
- De burgemeester kan in een vergunning als bedoeld in artikel 2:25,
lid 1, onder door hem te stellen voorwaarden ontheffing verlenen van
het in het eerste of in het tweede lid gestelde verbod.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 11
Artikel 2:48
Openlijk drankgebruik
Onderdeel van 2012-06 Algemene Plaatselijke Verordening Maassluis 2012