De totale kostprijs bedraagt
de nieuwwaarde;
in geval van verstrekking uit depot, de waarde van de herverstrekking; of
het totale pgb.
De eigen bijdrage per periode wordt berekend over de totale kostprijs gedeeld door 39 periodes.
Indien de totale kostprijs lager is dan € 500,- wordt het bedrag gedeeld door de laagste eigen bijdrage die van toepassing is, zoals vastgelegd in artikel 4:1 lid 1 van het Besluit maatschappelijke ondersteuning, om te komen tot het aantal periodes dat de belanghebbende een eigen bijdrage wordt opgelegd.
De eigen bijdrage wordt opgelegd voor elke nieuwe voorziening. Hieronder vallen ook voorzieningen die worden verstrekt na heronderzoek wanneer de bestaande voorziening onvoldoende compensatie biedt voor de beperkingen van de belanghebbende.
Bij de volgende voorzieningen wordt geen eigen bijdrage opgelegd:
huurderving zoals genoemd in art. 4:2 lid g
verwijderen van voorzieningen zoals genoemd in art. 4:2 lid h.
kosten voor onderhoud, keuring reparatie en aanpassingen van een woonvoorziening zoals genoemd in art. 4:2 lid e die niet meteen bij de eerste verstrekking van de betreffende voorziening zijn inbegrepen
een aanpassing aan een gemeenschappelijke ruimte zoals vastgelegd in art. 4:11 van de Verordening, voor zover de voorziening betrekking heeft op het toe- en/of doorgankelijk maken van het woongebouw waardoor meerdere personen er gebruik van maken.