De medewerker, die in het kader van deze regeling een fiets koopt, wordt
geacht vier jaar van de fiets gebruik te maken voor het
woon-/werkverkeer. Anders gezegd: de medewerker mag niet vaker dan eens
in de vier jaar van deze fietsregeling gebruik maken. Indien de
medewerker binnen drie jaar na aanschaf van de fiets de gemeentelijke
dienst verlaat (zelf ontslag verzoekt dan wel ten gevolge van aan de
medewerker zelf te wijten feiten of omstandigheden ontslag wordt
verleend dan wel binnen die periode verhuist van Almere naar een andere
woonplaats waardoor recht ontstaat op een andere vergoeding
woon-werkverkeer), dan dient de medewerker een deel van de door de
werkgever betaalde vergoeding terug te betalen. Deze terugbetaling
geschiedt via automatische inhouding door de werkgever in één keer op
het nettosalaris inclusief vakantietoelage van de medewerker.
Voor het bepalen van de hoogte van het terug te betalen bedrag geldt de
volgende regeling: ontslag/verhuizing tot één jaar na aanschaf: 75% van
de vergoeding; ontslag/verhuizing tussen één en twee jaar na aanschaf:
50% van de vergoeding; ontslag/verhuizing tussen twee en drie jaar na
aanschaf: 25% van de vergoeding.