**1..** Indien de belanghebbende niet meer in rechte tegen een hem opgelegde
boete op kan komen, gaat de heffingsambtenaar na ontvangst van een
verzoek om ambtshalve vermindering na of de boete tot de juiste
hoogte is vastgesteld. Indien het de heffingsambtenaar blijkt dat de
boete op een te hoog bedrag is vastgesteld, vermindert hij de
boete.
**2..** De termijn waarbinnen de belanghebbende kan verzoeken om
vermindering van de boete bedraagt drie jaar, te rekenen vanaf de
dag na het onherroepelijk worden van de boetebeschikking.
**3..** De heffingsambtenaar vermindert in elk geval ambtshalve een
opgelegde boete indien deze als gevolg van een wijziging van de
grondslag voor de berekening van de boete voor verlaging in
aanmerking komt.