Naar hoofdinhoud
1.. Het lid van het college tot wiens portefeuille het onderwerp behoort, doet, door parafering op de stukken, behorende tot de Averzameling, blijken, hetzij van zijn instemming met het daarop voorgestelde besluit, hetzij van zijn verlangen om de stukken in de vergadering van het college aan de orde te stellen. 2.. Een overzicht van de in lid 1 bedoelde voor akkoord geparafeerde stukken, wordt wekelijks bekrachtigd in de vergadering van het college. 3.. In het geval het lid van het college door het stellen van een paraaf heeft aangegeven dat stukken, behorende tot de A-verzameling, in een vergadering van het college aan de orde dienen te worden gesteld, geschiedt dit als regel in de eerstvolgende vergadering.

Rechtspraak bij dit artikel