Het college weigert de noodzaak van kinderopvang op grond van een sociaal-medische indicatie vast te stellen indien:
de ouder of de partner reeds een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang ontvangt of kan ontvangen; of
de ouder of de partner niet behoort tot de personen als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel k of l van de wet;
de ouder en/of partner reeds een tegemoetkoming of voorziening ontvangt vanuit andere wet- of regelgeving, zoals: AWBZ (bijv. dagcentra, medisch kinderdagverblijf), Jeugdzorg, PGB of Informele opvang.
Hoofdstuk 2
Artikel 7
Weigeringsgronden
Onderdeel van Verordening tegemoetkoming Wet kinderopvang 2011 (VtWk 2011)