Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Ontslag, schorsing en plaatsvervanging

Onderdeel van Verordening op de samenstelling, taak en werkwijze van de Rekenkamer Almere

1.. De voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter en de leden kunnen door de raad worden geschorst of ontslagen, of zelf ontslag nemen. 2.. Bij vertrek van de voorzitter of plaatsvervangend voorzitter kiest de raad binnen 8 weken een opvolger. 3.. Bij vertrek van een tijdelijk lid wordt geen opvolger gekozen. 4.. Hij/zij die ophoudt lid van de raad te zijn, houdt tevens op lid van de Rekenkamer te zijn. 5.. Plaatsvervanging is niet mogelijk met uitzondering van het gestelde in artikel 6, eerste lid. 6.. De raad beslist over opheffing van een schorsing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel