Deze verordening verstaat onder:
aanvrager:
de belanghebbende die een subsidie heeft aangevraagd;
activiteit:
de prestatie, het product of de dienst die met gebruikmaking van de subsidie door de subsidieontvanger wordt geleverd;
c.college:
het college van burgemeester en wethouders;
d.incidentele subsidie:
subsidie voor activiteiten met een incidenteel of eenmalig karakter;
e.structurele subsidie:
subsidie voor activiteiten met een structureel karakter, dat wil zeggen dat deze activiteiten ieder jaar opnieuw plaatsvinden of zich uitstrekken over meerdere jaren;
f.raad:
de gemeenteraad;
g.rekenkamercommissie:
de door de gemeenteraad ingestelde commissie voor het verrichten van financieel onderzoek als bedoeld in de Verordening gemeentelijke rekenkamercommissie;
h.subsidie:
de aanspraak op financiële middelen als bedoeld in artikel 4:21 van de wet;
i.subsidieplafond:
het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is als bedoeld in artikel 4:22 van de wet;
j.uitvoeringsovereenkomst:
een overeenkomst tussen de gemeente en de subsidieontvanger als bedoeld in artikel 4:36 van de wet;
k.voorschot:
de betaling van een deel van de subsidie voorafgaand aan de subsidievaststelling;
l.wet:
de Algemene wet bestuursrecht.