Valt de afweging uit in het voordeel van verhuizing, dan gaat de verhuis- en (her)inrichtingskosten vergoeding een rol spelen. Deze wordt in de vorm van een financiële tegemoetkoming (forfaitaire vergoeding) toegekend (artikel 8 vierde lid van de Verordening). Dit is in drie situaties mogelijk aan de orde:
de belanghebbende gaat vanwege problemen met het normale gebruik van de huidige woning verhuizen naar een adequate woning en er is geen sprake van voorzienbaarheid van de situatie;
de belanghebbende vraagt een woonvoorziening aan in de vorm van een woningaanpassing, maar na onderzoek blijkt verhuizing de meest adequate en zo goedkoop mogelijke oplossing te zijn voor het woonprobleem. Ook mogelijk is dat de desbetreffende woning niet kan worden aangepast;
in geval van het vrijmaken van een aangepaste woning door een persoon die in een dergelijke woning woont. Deze situatie doet zich voor indien een medebewoner van een persoon met beperkingen verhuist nadat bewoning door de persoon met beperkingen beëindigd is en de medebewoner in de aangepaste woning is blijven wonen.
Een financiële tegemoetkoming in de kosten van verhuizing en (her)inrichting is bedoeld als meest adequate en zo goedkoop mogelijk alternatief voor een dure woningaanpassing in gevallen waarin die verhuizing niet algemeen gebruikelijk is, gelet op leeftijd, gezins- of woonsituatie. Verhuizingen wegens gezinsuitbreiding of om als jongvolwassene zelfstandig te gaan wonen zijn in beginsel algemeen gebruikelijk, evenals voorspelbare verhuizingen van senioren.
Voor verhuizingen naar AWBZ-instellingen of andere zorginstellingen wordt geen financiële tegemoetkoming verstrekt, evenmin als voor verhuizingen naar woningen die niet geschikt of bestemd zijn voor permanente bewoning.
Een verhuis- en (her)inrichtingskostenvergoeding kan verstrekt worden wanneer er sprake is van ondervonden belemmeringen bij het normale gebruik van de woning, die door middel van een verhuizing op de meest adequate en zo goedkoop mogelijke wijze kunnen worden opgelost. Deze eis wordt niet gesteld als het gaat om een verhuizing naar een ADL-woning/Fokuswoning (waarvoor dus wel in aanmerking gekomen kan worden voor verhuis- en (her)inrichtingskosten) en evenmin in situaties waarin het er om gaat een persoon buiten de Wmo-doelgroep een aangepaste woning te laten vrijmaken. In dit laatste geval bestaat er overigens enkel aanspraak op een financiële tegemoetkoming in de verhuis- en (her)inrichtingskosten, indien het vrijmaken van de woning op verzoek van de gemeente gebeurt.
Om voor een verhuiskostenvergoeding in aanmerking te komen dient de belanghebbende ingeschreven te staan in de gemeentelijke basisadministratie. Verhuist de belanghebbende vanuit een andere gemeente, dan behoort de verhuiskostenvergoeding tot de compensatieplicht van de vertrekgemeente.
Indien een verhuiskostenvergoeding wordt verstrekt zal in de beschikking een termijn worden opgenomen waarbinnen de belanghebbende verhuisd dient te zijn, met een maximum van een jaar. Deze termijn wordt vastgesteld aan de hand van de medische indicatie. Indien niet binnen deze termijn is verhuisd en er was wel een woning voorhanden, dan vervalt het recht op de verhuiskostenvergoeding. De belanghebbende moet kunnen aantonen dat hij daadwerkelijk gezocht heeft op de huizenmarkt en gereageerd heeft op geschikte woningen.
17.6.a Aanvang werkzaamheden en inzicht in woning
De gemeente verstrekt een financiële tegemoetkoming in de verhuis- en (her)inrichtingskosten, indien de aanvraag ten minste vier weken voordat de verhuizing heeft plaatsgevonden, is ingediend. Dit heeft te maken met het feit dat de gemeente in staat moet worden gesteld een afweging te maken tussen de mogelijkheid van aanpassing van de huidige woning en verhuizing naar een nieuwe woning. Wordt dit nagelaten, dan kan het voorkomen dat de belanghebbende reeds is verhuisd naar een andere woning, die echter in onvoldoende mate ergonomische beperkingen opheft. Indien achteraf niet kan worden vastgesteld dat er problemen bij het normale gebruik van de woning werden ondervonden in de verlaten woning, dan wel dat het niet meer mogelijk is een goede afweging te maken tussen aanpassen of verhuizen, wordt geen verhuiskostenvergoeding verstrekt.
In aansluiting op het beleid dat geen verhuiskostenvergoeding wordt toegekend wanneer de verhuizing heeft plaatsgevonden voordat de aanvraag is ingediend, worden ook geen aanpassingen vergoed indien de werkzaamheden met betrekking tot een woningaanpassing al een aanvang hebben genomen voordat de gemeente een besluit heeft genomen over de toekenning ervan.
In bepaalde gevallen kan het echter nodig zijn dat de belanghebbende snel moet beslissen, bijvoorbeeld omdat anders de woning aan een andere woningzoekende wordt toegewezen. In geval van spoed dient de belanghebbende zich te allen tijde vooraf te wenden tot de gemeente. Vergoeding van een voorziening wordt afgewezen indien niet meer achterhaald kan worden of de aangebrachte voorziening noodzakelijk, adequaat en passend is.
HOOFDSTUK 4
Artikel 17.6
Verhuis- en herinrichtingskosten
Onderdeel van Beleidsregel Wmo individuele voorzieningen gemeente Capelle aan den IJssel 2012