Voor zowel de verkoopstandplaatsen genoemd onder artikel 1.1, artikel 1.2 als die onder 1.3 is het volgende vereist:
Een inschrijfformulier van de gemeente Leeuwarden (maximaal 30 dagen formulier verkoopstandplaatsen, 31 dagen of meer formulier omgevingsvergunning);
Een kopie van een geldig ID-bewijs van de aanvrager;
Een of meer foto’s van alle zijden van de kraam/verkoopwagen. Indien van toepassing een foto van het promotieproduct dat op straat wordt verstrekt;
Indien van toepassing plattegrond van de kraam/verkoopwagen met opgave van afmetingen (lengte, breedte en hoogte) en de aanwezigheid al dan niet van een luifel;
Bij de aanvraag moet worden aangegeven op welke dagen (data) gebruik van de verkoopstandplaatsen-vergunning wordt gemaakt;
Aanvragen genoemd onder inhoud beleidsregel punt 2 en 3 moeten uiterlijk 8 weken voor de beoogde datum van gebruik ontvangen zijn;
Voor de vaste verkoopstandplaatsen genoemd onder 1 van de inhoud beleidsregel geldt dat de inschrijving uiterlijk 3 maanden voor het beoogde tijdvak door de gemeente moet zijn ontvangen. Inschrijvers moeten hun inschrijving gedurende twee maanden gestand doen. De gestanddoeningstermijn begint te lopen vanaf het moment dat de enveloppen worden geopend. De huurovereenkomst wordt afgegeven binnen 1 maand onder de voorwaarde van een tijdelijke omgevingsvergunning;
Voor de vaste verkoopstandplaatsen genoemd onder 1 van de inhoud beleidsregel geldt dat na een positieve beslissing op de huurovereenkomst door de gemeente, door de exploitant een aanvraag voor een tijdelijke omgevingsvergunning van een verkoopstandplaats op gemeentegrond moet worden ingediend. Dit kan tot uiterlijk 8 weken voor de beoogde datum van het innemen van de vaste verkoopstandplaats. De vaste verkoopstandplaatsen worden bij de eerstvolgende reguliere actualisatie van het betreffende plan opgenomen in het bestemmingsplan.
Indien een melding moet worden gedaan op grond van de Wet Milieubeheer, moet deze melding een maand voor het innemen van de (vaste) verkoopstandplaats zijn verricht.
In de aanvraag moet worden aangegeven hoe de aanvrager zwerfafval als gevolg van de vergunning van de verkoopstandplaatsen, gaat voorkomen.