Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 49

Overgangsrecht

Onderdeel van Leidingenverordening Lopik 2012

1.. Voor leidingen die op de datum van inwerkingtreding van deze verordening in de grond aanwezig en in gebruik zijn geldt de schriftelijke toestemming dan wel vergunning op grond waarvan de leidingen gelegd zijn als een toestemming dan wel vergunning krachtens deze verordening. 2.. Indien het college van oordeel is dat een schriftelijke toestemming dan wel reeds verleende vergunning als bedoeld in het eerste lid niet voldoet aan de voorschriften bij of krachtens deze verordening kan het college de leidingexploitant een termijn stellen waarbinnen de leidingexploitant het college nadere informatie over de leiding dient te verschaffen of een aanvraag voor een vergunning moet indienen, bij gebreke waarvan de schriftelijke toestemming bij een door het college te bepalen tijdstip komt te vervallen. 3.. Hoofdstuk 2 is van toepassing op werken waarover op het moment van inwerkingtreding nog geen overeenkomsten zijn aangegaan tussen de gemeente en belanghebbende.

Rechtspraak bij dit artikel