1. De vergoeding voor aan de uitoefening van het wethouderschapschap verbonden kosten is gelijk aan het bedrag voor gemeenteklasse 18.001 en groter, vermeld in artikel 25 van het Rechtspositiebesluit wethouders.
2. Indien de wethouder op grond van artikel 20 van deze verordening een mobiele telefoon in bruikleen ter beschikking is gesteld bedraagt de in het vorige lid bedoelde onkostenvergoeding 91% van het voor hem ingevolge het eerste lid geldende bedrag.
Hoofdstuk III
Artikel 14
Onkostenvergoeding
Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders en raadsleden 2007