1. Aan de wethouder wordt, naast de tegemoetkoming bedoeld in artikel
15, vergoeding verleend voor reiskosten ter zake van andere dan de in
artikel 15 bedoelde reizen ten behoeve van de gemeente gemaakt. De
vergoeding betreft:
a. bij gebruik van openbare middelen van vervoer en van een taxi: een
volledige vergoeding van de reiskosten;
b. bij gebruik van een eigen personenauto: de vergoeding als bedoeld in
artikel 4, onderdeel b, van de Regeling rechtspositie wethouders;
c. een vergoeding van de noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte
verblijfkosten;
2. Op aanvraag worden de reiskosten voor de zakelijke reizen van de
wethouder gesaldeerd overeenkomstig de regeling voor gemeentelijk
personeel. Indien geen regeling als bedoeld in de eerste volzin is
vastgesteld vindt op aanvraag saldering van de reiskosten voor de
zakelijke reizen van de wethouder plaats overeenkomstig artikel 4a van
de Reisregeling binnenland, artikel 2a van de Reisregeling buitenland en
artikel 13a van de krachtens het Verplaatsingskostenbesluit 1989
vastgestelde Verplaatsingskostenregeling 1989.
Hoofdstuk III
Artikel 16
Zakelijke reiskosten
Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders en raadsleden 2007