Burgemeester en wethouders kunnen de vergunning of ontheffing intrekken of wijzigen:
indien ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt;
indien op grond van een verandering van omstandigheden of inzichten, opgetreden na het verlenen van de vergunning of ontheffing, moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging daarvan wordt gevorderd door het belang ter bescherming waarvan de vergunning of ontheffing is verstrekt;
indien de aan de vergunning of ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen;
indien binnen de termijn van een jaar geen gebruik wordt gemaakt van de vergunning;
indien de houder dit verzoekt.
Burgemeester en wethouders kunnen in het belang van de kinderen tijdelijke of blijvende sluiting van een kindercentrum gelasten, indien naar hun oordeel dringende omstandigheden die niet uit deze verordening voortvloeien daartoe aanleiding geven.
HOOFDSTUK 2 KWALITEITSREGELS
Artikel 11
Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing
Onderdeel van Verordening Peuterspeelzalen Bunnik 2005