De los- en laadplaats zal zoveel mogelijk ledig moeten blijven. Alle geloste goederen moeten dadelijk worden weggehaald en alle ter lading aangebrachte goederen onverwijld worden ingeladen. De goederen moeten ten minste drie meter van de kant worden gelegd, zodanig dat meerringen en andere bevestigingspunten vrij blijven. Indien men goederen op de kade, dam of wal wenst op te slaan, wordt een plaats daartoe, voor bepaalde, eventueel te verlengen termijn, door de havenmeester aangewezen. Wanneer de havenmeester zulks nodig oordeelt moet de eigenaar of rechthebbende zijn goederen op eerste aanzegging verplaatsen of van de opslagplaats verwijderen.