Naar hoofdinhoud

Artikel 3

- Hoogte van de toeslag

Onderdeel van Verordening langdurigheidstoeslag 2012

1.. De langdurigheidstoeslag bedraagt: voor een alleenstaande: € 350,-; voor een alleenstaande ouder: € 450,-; voor een gezin: € 500,-; in afwijking van onderdeel c: € 850,- voor een gezin met drie rechthebbende gezinsleden; in afwijking van onderdeel c: € 1.200,- voor een gezin met vier rechthebbende gezinsleden; in afwijking van onderdeel c: € 1.550,- voor een gezin met meer dan vier rechthebbende gezinsleden. 2.. Indien sprake is van één of meer niet-rechthebbende gezinsleden en: nog slechts één gezinslid recht heeft op langdurigheidstoeslag, komt dit gezinslid in aanmerking voor een langdurigheidstoeslag naar de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden; twee of meer gezinsleden overblijven die als gezin recht hebben op langdurigheidstoeslag, wordt voor de toepassing van het eerste lid uitsluitend rekening gehouden met deze rechthebbende gezinsleden. 3.. Voor toepassing van het eerste en tweede lid is de situatie op de peildatum bepalend.

Rechtspraak bij dit artikel