De bevoegdheden, welke op grond van de volgende artikelen van de wet bij
het bestuursorgaan berusten, worden ter uitvoering van deze verordening
uitgeoefend door de voorzitter:
artikel 2.1, tweede lid; b. artikel 6:6; c. artikel 6:17; d.
artikel 7:3; e. artikel 7:4, 2e lid;
artikel 7.6, 4e lid;
Artikel 15 Uitnodiging zitting
De voorzitter nodigt de belanghebbenden en het verwerend
orgaan ten minste twee weken voor de zitting
schriftelijk uit.
Binnen drie dagen na de uitnodiging kunnen de
belanghebbenden of het verwerend orgaan onder opgaaf van
redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de
zitting te wijzigen.
De beslissing van de voorzitter op dit verzoek wordt
uiterlijk één week voor het tijdstip van de zitting aan
de belanghebbenden en het verwerend orgaan
meegedeeld.
De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af
te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen die
genoemd zijn in het eerste tot en met het derde
lid.