**1..** De aanvraag om subsidieverlening kan naast de in artikel 4:25, lid 2 en artikel 4:35 van de wet genoemde gevallen worden geweigerd indien:
de activiteiten van de aanvrager niet gericht zullen zijn op de gemeente of niet aanwijsbaar ten goede komen aan de ingezetenen van de gemeente;
niet wordt voldaan aan de in nadere regels vastgestelde criteria om voor subsidie in aanmerking te komen;
verstrekking van subsidie niet past binnen door het gemeentebestuur vastgesteld beleid;
de activiteiten niet voldoende bijdragen aan de gemeentelijke doelstellingen;
gegronde redenen bestaan aan te nemen dat de gelden niet of in onvoldoende mate zullen worden besteed voor het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld;
gegronde redenen bestaan aan te nemen dat de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde;
de aanvrager ook zonder gemeentelijke subsidieverstrekking over voldoende gelden, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van derden kan beschikken om de kosten van de activiteiten te dekken.
subsidiëring tot ongeoorloofde staatssteun leidt.
**2..** Geen subsidie wordt verleend, indien doelstellingen, activiteiten, statuten of reglementen van de aanvrager dan wel het beoogde gebruik van de subsidie discriminatie opleveren wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, burgerlijke staat, seksuele geaardheid, leeftijd of op welke grond dan ook. Onder discriminatie wordt in dit verband niet begrepen onderscheid tot opheffing van ongelijkheid.
HOOFDSTUK 3
Artikel 14
Weigeringsgronden
Onderdeel van Algemene subsidieverordening gemeente Almere 2008