De subsidieverstrekking kan naast de in artikel 4:25 en artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht genoemde gevallen geweigerd worden indien gegronde redenen bestaan aan te nemen dat:
a. de activiteiten van de aanvrager niet of niet in overwegende mate gericht zullen zijn op de gemeente of haar ingezetenen of niet of nauwelijks aanwijsbaar ten goede zullen komen aan de gemeente of haar ingezetenen;
b. de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden aan de activiteit waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld;
c. de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten ontplooit of zal ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde;
d. de aanvrager ook zonder subsidietoekenning over voldoende gelden, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van derden, kan beschikken om de kosten van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, te dekken;
e. de subsidieverstrekking niet past binnen het beleid van de gemeente, dan wel de betreffende activiteiten in dat kader onvoldoende prioriteiten hebben;
Titeldeel 1
Artikel 1.7
Weigeringsgronden
Onderdeel van ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING NEDERWEERT 2010