Naar hoofdinhoud
1. Overnachten in een daarvoor niet bestemd bouwwerk is uitsluitend toegestaan als het bouwwerk voldoet aan de voorschriften voor bestaande logiesgebouwen uit het Bouwbesluit 2003 (en/of het beleidsniveau voor bestaande logiesgebouwen als dit gemeentelijk is vastgesteld). De brandveiligheidinstallaties moeten altijd voldoen aan de eisen gesteld in het Gebruiksbesluit. Het gebruik van een tijdelijke (draadloze) brandmeld- en ontruimingsalarminstallatie is toegestaan. 2. Als niet aan de voorschriften voor (sub)brand- en rookcompartimentering kan worden voldaan, kan een situatie die voldoet aan de hierna genoemde voorschriften als gelijkwaardig* worden beschouwd: - alle slaapruimten liggen op de begane grond, - in alle slaapruimten geldt een rookverbod en een verbod op de aanwezigheid van open vuur, - elke slaapgebied beschikt over een directe uitgang naar het aansluitende terrein (naar buiten), en, - er wordt zowel bouwkundig als voor wat betreft het gebruik minimaal voldaan aan de voorschriften die gelden voor bezettingsgraadklasse B3. Gebruik volgens de bezettingsgraadklassen B1 en B2 is niet toegestaan. *NB Deze gelijkwaardigheid geldt uitsluitend voor incidentele niet commerciële gevallen, zoals overnachtingen in scholen, bij sportverenigingen en in scoutingclubhuizen. Het betreft in deze gevallende eigen leerlingen of leden die overnachten. Verhuur aan derden in combinatie met deze gelijkwaardigheid is dus niet toegestaan. 3. Voor gebouwen waarvoor geen gebruiksvergunning is verleend zal, indien er sprake is van nachtverblijf van meer dan 10 personen, een gebruiksvergunning op basis van artikel 2.11.1 van het Gebruiksbesluit aangevraagd moeten worden.

Rechtspraak bij dit artikel