Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 3

De vergunningaanvraag

Onderdeel van Verordening aansluitvoorwaarden riolering 2010

1.. De aanvraag van een aansluitvergunning wordt schriftelijk met behulp van een daartoe bestemd formulier, bij het college ingediend door de rechthebbende van het aan te sluiten perceel. 2.. Bij de aanvraag van een aansluitvergunning dienen door de rechthebbende voldoende gegevens te worden verstrekt om het verzoek te kunnen beoordelen, waaronder in elk geval de volgende gegevens: de naam en het adres van de aanvrager en de rechthebbende; de dagtekening; de aanduiding dat het een verzoek om een aansluitvergunning betreft; het tijdstip waarop de aansluiting dient te worden gerealiseerd; de ligging van het aan te sluiten perceel of percelen:aan de hand 1. van straat en huisnummer en het kadastraal nummer van het betreffende perceel; 2. aangegeven op een situatieschets 1:1000 of grotere schaal; voor zover de lozing van proceswater betreft, de aard en de hoeveelheid van de af te voeren vloeistoffen, waarbij dient te worden aangegeven of niet verontreinigt water, zoals regen- of koelwater, en/of verontreinigd water, zoals huishoudelijk of industrieel afvalwater, zal worden afgevoerd; of het een aansluiting voor enkel lozing van huishoudelijk afvalwater betreft, of dat er daarnaast hemelwater en / of grondwater moet worden afgevoerd; met betrekking tot het aan te sluiten of te wijzigen particuliere afvoerleiding, ten minste: 1. het leidingverloop en de dimensionering; 2. een overzichtstekening waarop is aangegeven: de ligging van het aan te leggen of te wijzigen particuliere afvoerleiding, de gewenste locatie van het aansluitpunt, het vloerpeil, hoogte van het maaiveld ten opzicht van N.A.P. en de door de gemeente verstrekte rioolgegevens. De overzichtstekening dient van een deugdelijke maatvoering te zijn voorzien. 3. de hoogteligging van het particuliere riool; 4. het materiaal ter plaatse van het aansluitpunt; 5. de kleur van de droogweer- en hemelwaterafvoerleidingen van het particuliere riool of de markeringen die het onderscheid tussen beide leidingen aangeven; 3.. Indien de gegevens bedoeld in het tweede lid, reeds zijn vastgelegd in de aanvraag om een voor het perceel afgegeven bouwvergunning of een vergunning op grond van de Wet milieubeheer, kan bij de aanvraag van een aansluitvergunning voor dit perceel worden volstaan met het overleggen van een kopie van de gegevens uit deze vergunningaanvraag. 4.. De aanvraag van een aansluitvergunning wordt slechts in behandeling genomen nadat bij de aanvraag alle in het tweede lid vermelde gegevens zijn verstrekt. Bij het ontbreken van gegevens wordt de rechthebbende daarover geïnformeerd en in de gelegenheid gesteld deze gegevens binnen vier weken na kennisgeving daarvan alsnog aan te vullen.

Rechtspraak bij dit artikel