Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Voorwaarden voor verkoop van reststroken:

Onderdeel van Beleidsregel verkoop en verhuur van reststroken gemeente Overbetuwe 2016

Het college besluit een reststrook niet te verkopen, als: de reststrook nodig is voor (toekomstige) openbare/maatschappelijke doeleinden of andere te verwachten (toekomstige) bestemmingen, zoals woningbouw, reconstructie, jongerenontmoetingsplaats e.d.; de reststrook onderdeel uitmaakt van een functionele groenvoorziening; er monumentale bomen in de reststrook staan; er strijd is/ontstaat met de keurbepalingen; (onnodige) belemmering van het onderhoud aan het overige gemeentelijke groen en/of watergangen ontstaat; er sprake is van een ‘buffer’ functie van de reststrook als groenbuffer tussen een bebouwd gebied en de weg(en), vanwege het tegengaan van geluidhinder, het uit het zicht halen van erfafscheidingen e.d.; in de reststrook kabels en/of leidingen liggen (niet zijnde gemeentelijke riolering), tenzij de betreffende leidingbeheerder schriftelijk toestemming heeft gegeven; er gemeentelijke riolering in de reststrook ligt, tenzij de riolering al in het eigen perceel ligt én er een positief ambtelijk advies is gegeven. In dat geval wordt de reststrook verkocht met een recht van opstal voor de riolering die in het eigen perceel én de te verkopen reststrook ligt; de verkeersveiligheid in het gedrang komt; de reststrook (ondergrond van) openbare parkeerplaatsen betreft; de reststrook grenst aan meerdere percelen en niet alle eigenaren van die percelen tot koop willen overgaan en/of niet alle eigenaren van die percelen instemmen met (de voorgestelde) verdeling van de reststrook; door verkoop onlogische erfgrenzen ontstaan. Bij verkoop tot aan de openbare weg wordt alleen tot verkoop overgegaan inclusief de (eventueel aanwezige) inrit; de reststrook niet grenst aan het perceel van degene die de reststrook wil kopen; op de reststrook bebouwingsmogelijkheden bestaan of (in de toekomst) kunnen ontstaan.

Rechtspraak bij dit artikel