Naar hoofdinhoud

AFDELING II:

Artikel 5

De kostenbegroting

Onderdeel van Exploitatiever­orde­ning ge­meente Culem­borg 2003

De kostenbegroting bevat in elk geval de volgende gegevens: Een raming van de met het verlenen van me­dewer­king aan het in ex­ploi­tatie brengen van gronden verband hou­dende kosten, te we­ten: de inbrengwaarde van de binnen het exploitatie­gebied gele­gen gronden, zijn­de de waarde van de grond vermeerderd met de waarde van de opstal­len, die voor de ver­wezenlij­king van de bestemming niet gehandhaafd kun­nen worden en met de kos­ten van vrijmaken van opstal­len - met inbe­grip van de zich in de grond bevinden­de resten, zo­als fun­de­rin­gen, leidin­gen en kabels - persoonlij­ke rechten en las­ten, ei­gen­dom, bezit of beperkt recht, zakelijke las­ten als­me­de de kos­ten van schadevergoedingen; de kosten van planontwikkeling, -voorbe­reiding en -be­heer en toe­zicht. Onder deze kosten wordt ten minste verstaan: de kos­ten ver­band hou­dende met het opstellen van struc­tuur -en bestemmingsplannen, het opstellen van planmatige uitwer­kin­gen of wijzigin­gen, het vervaar­digen van be­sluiten tot het verlenen van vrij­stelling van een bestem­mingsplan alsmede van overige planologi­sche maat­re­gelen voor zo­veel deze nodig zijn voor het in ex­ploitatie brengen van gronden bin­nen het exploi­ta­tie­gebied; de kosten van de in artikel 2 genoemde voorzie­ningen van openbaar nut, voor zover deze ver­band houden met het verle­nen van mede­werking aan het in exploita­tie brengen van gron­den binnen het ex­ploita­tiegebied, als­mede de daarmee ver­band houdende kosten van onder­zoeken, voorbe­reiding en toezicht; de kosten van het gemeentelijk apparaat, voorzo­ver dit recht­streeks aan het in exploitatie brengen van gronden kan wor­den toegere­kend; de rente van geïnvesteerde kapitalen en overige lasten ver­min­derd met renteop­brengsten; overige kosten die in beginsel ten laste van de grondexploitatie be­horen te wor­den gebracht. Een raming van de met het verlenen van me­dewerking aan het in ex­ploi­tatie brengen van gronden verband hou­dende op­brengsten, bestaande uit: doelsubsidies; verkoop van gronden; bijdragen in de kosten van aanleg van voorzienin­gen van open­baar nut, hetzij via over­eenkomst hetzij via baatbe­las­ting; overige bijdragen. De wijze van toerekening van de totale onder sub 1 en 2 van dit artikel­lid bedoelde kosten en opbrengsten aan de onroe­rende za­ken in het exploitatie­gebied naar de mate van de baat, die de on­roeren­de zaken hebben van het samenhan­gend ge­heel van voor­zieningen van open­baar nut, zo­als be­doeld in artikel 2 van deze verorde­ning. De mate van baat wordt aangeduid met in­achtneming van het­geen hier­omtrent in arti­kel 6 is bepaald. Voor de opstelling van de kostenbegroting wordt ervan uitge­gaan, dat het exploita­tiegebied in zijn geheel door de ge­meen­te in exploi­tatie zal worden gebracht. Periodiek wordt nagegaan of optredende loon- en/of prijswijzi­gingen dan ­wel andere optredende wijzigingen met betrekking tot het in exploi­ta­tie bren­gen van gron­den binnen het exploita­tiegebied aan­leiding ge­ven om de kos­tenbegroting te her­zien. Het besluit tot herziening van de kostenbegro­ting wordt bekendgemaakt gemaakt over­een­kom­stig artikel 139 van de Gemeen­tewet. Het bepaalde in het eerste lid onder 1. sub a. is niet van toepassing ten aan­zien van de binnen een ex­ploitatiege­bied gelegen en gebate gronden die als gevolg van de voorzienin­gen van openbaar nut niet geschikt worden voor bebou­wing. Naast het bepaalde in het vierde lid wordt de ra­ming van de in het eer­ste lid onder 1 sub a. bedoel­de inbreng­waarde van de gronden beperkt tot de gron­den welke zijn bestemd voor het treffen van voorzieningen van open­baar nut, ingeval sprake is van een exploi­tatiege­bied waarvoor geldt dat de voor­zieningen van openbaar nut niet in hoofdzaak gericht zijn op het geschikt maken voor bebou­wing van onroe­rende zaken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel