Naar hoofdinhoud

AFDELING III:

Artikel 9

De aanvraag

Onderdeel van Exploitatiever­orde­ning ge­meente Culem­borg 2003

Een belanghebbende kan burgemeester en wethouders verzoeken tot het ver­lenen van me­dewer­king met betrekking tot het in exploitatie bren­gen van gronden. Bij de aanvraag moet in ieder geval worden gevoegd: een nauwkeurige omschrijving van de in exploitatie te bren­gen on­roe­rende za­ken; gegevens waaruit blijkt dat de belanghebbende de eigen­dom van de in ex­ploita­tie te brengen onroeren­de zaken heeft ver­kregen of kan verkrij­gen; gegevens omtrent de door belanghebbende te tref­fen (bou­w)w­erk­zaam­he­den. Ingeval door burgemeester en wethouders een aanvraag voor een bouwver­gunning, zoals bedoeld in de Woning­wet, eventu­eel in combinatie met een verzoek om vrij­stel­ling wordt ontvangen, waarbij in geval van verle­ning van de vrijstelling en/of bouw­vergunning van gemeente­wege voorzie­ningen van openbaar nut zoals bedoeld in artikel 2 van deze ver­ordening moeten worden getrof­fen, wordt dit vóór de beslis­sing op de aanvraag be­kend­gemaakt aan de aanvra­ger. Daarbij wordt een zo nauw­keurig mogelijke raming van de kosten van de in artikel 2 ge­noemde voor­zieningen van open­baar nut ver­strekt. Tevens wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld een aanvraag in te die­nen bij burgemeester en wethouders voor medewerking met betrek­king tot het in ex­ploi­tatie brengen van gronden. Burgemeester en wethouders beslissen binnen zes maanden na ont­vangst van de aan­vraag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel