In dit artikel wordt verstaan onder:
Medewerker gladheidsbestrijding:De in dienst van
de gemeente Venlo zijnde ambtenaar die deelneemt aan de
wachtdienst gladheidsbestrijding.
Strooileider:De als toezichthouder dienst doende
medewerker gladheidsbestrijding.
Wachtdienst:Het buiten normale werktijd
bereikbaar en beschikbaar zijn van medewerkers
gladheidsbestrijding.
Dienstdag:
Bij normale werkdagen:een periode
aansluitend aan het eind van de werktijd en
eindigend op de volgende werkdag bij aanvang van de
werktijd.
Indien de voorafgaande dag geen werkdag is
gaat de dienst in om 0.00 uur.
Indien de volgende dag geen werkdag is eindigt
de dienst om 24.00 uur.
Buiten normale werkdagen (zater-, zon-,
A.D.V.- en feest-dagen):een periode van
24 uur welke aanvangt om 0.00 uur en eindigt om
24.00 uur, een en ander in overleg met de
dienstdoende strooileider.
Alle voor de wachtdienst gladheidsbestrijding in aanmerking
komende medewerkers worden aangewezen door het college.
De aangewezen medewerkers zijn verplicht deel te nemen aan
de wachtdienst gladheidsbestrijding.
Bezwaren tegen deelneming aan de wachtdienst
gladheidsbestrijding dienen schriftelijk en met reden
omkleed bij het college te worden ingediend.
Het college kan, indien hiervoor gegronde redenen aanwezig
zijn, de medewerker ontheffen van deelname aan de
wachtdienst gladheidsbestrijding.
De wachtdienst wordt gedurende de winterperiode bij
toerbeurt verricht volgens een door het college opgesteld
rooster.
Het op te stellen rooster loopt van 1 december tot half
maart.
Indien nodig kan het college, buiten de in lid 2 genoemde
periode, personen conform deze regeling consigneren.
Ten behoeve van het toezicht zal per periode 1 strooileider
worden aangewezen.
Het volgens lid 1 op te stellen rooster wordt, voor zover
mogelijk, zodanig ingedeeld dat de in de periode vallende
erkende feestdagen zoveel mogelijk over alle medewerkers
worden verdeeld.
Ruilen van diensten is alleen mogelijk na toestemming van de
afdelingsleiding. Die zal alleen toestemming verlenen na
overleg met de strooileider van de betreffende periode.
Vergoeding vindt plaats overeenkomstig het gestelde in
artikel 3:13 van de AGV.
Betaling vindt plaats in de eerstvolgende maand na de maand
waarin de wachtdienst is verricht.
De afdelingsleiding dient ervoor zorg te dragen dat aan het
team p&o, in de eerste week van de maand, volgend op de
maand van consignatie, de benodigde gegevens voor betaling
worden verstrekt.
Naast de wachtdienst vergoeding ontvangt de medewerker bij
daadwerkelijk verrichten van werkzaamheden de gebruikelijke
overwerkvergoeding, voor zover van toepassing.
In geval van afwezigheid van de volgens het rooster
diensthebbende medewerker, zal door of namens het college
een vervanger worden aangewezen. Deze medewerker ontvangt
een vergoeding conform deze regeling.
Indien een medewerker op werkdagen opgeroepen en/of ingezet
wordt tussen 0.00 en 05.30 uur zal deze in de gelegenheid
worden gesteld om de gederfde nachtrust te compenseren.
De normale dienst zal even zoveel later worden aangevangen
als uren welke tussen 0.00 uur en 07.30 uur zijn
gewerkt.
De betreffende “rusturen” worden normaal doorbetaald.
Het is niet toegestaan deze “rusturen” op te sparen.
Het gestelde in lid 3 is niet van toepassing indien op de
betreffende dag geen werkzaamheden worden verricht (bv. bij
A.D.V.-, zater- en zondagen).
Indien men is ingeroosterd tijdens A.D.V.-dagen zullen deze
A.D.V.-dagen, in overleg met de afdelingsleiding op een
ander tijdstip worden opgenomen.