**1..** Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die te laten
verblijven of te laten lopen op een openbare plaats of op het
terrein van een ander:
anders dan kort aangelijnd nadat het college aan de
eigenaar of de houder heeft bekendgemaakt dat het die
gevaarlijk of hinderlijk acht en een aanlijngebod in
verband met het gedrag van die hond noodzakelijk
vindt;
anders dan kort aangelijnd en voorzien van een muilkorf
nadat het college aan de eigenaar of de houder heeft
bekendgemaakt dat het die hond gevaarlijk of hinderlijk
acht en een aanlijn en muilkorfgebod in verband met het
gedrag van die hond noodzakelijk vindt.
**2..** In afwijking van artikel 2:50, aanhef en onder c, geldt voor het
bepaalde in het eerste lid bovendien dat de hond voorzien moet
zijn van een optisch leesbaar, niet verwijderbaar
identificatiekenmerk in het oor of de buikwand.
**3..** In het eerste lid wordt verstaan onder:
kort aanlijnen: aanlijnen van een hond met een lijn met
een lengte, gemeten van hand tot halsband, niet groter
dan 1,50 meter;
muilkorf: een muilkorf vervaardigd van stevige kunststof
of van stevig leer of van beide stoffen, die door middel
van een stevige leren riem rond de hals zodanig is
aangebracht dat verwijdering zonder toedoen van de mens
niet mogelijk is en die zodanig is ingericht dat de
drager geen mens of dier kan bijten, dat de afgesloten
ruimte binnen de korf een geringe opening van de bek
toelaat en dat geen scherpe delen binnen de korf
aanwezig zijn.
Hoofdstuk 2. › Afdeling 11.
Artikel 2:52
Gevaarlijke honden
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening voor Delft