**1..** Hij die een voorwerp dat van enige waarde is en waarvan
redelijkerwijs kan worden vermoed dat het aan een ander
toebehoort op de weg, in een openbaar water of op een andere –
al dan niet met enige beperking – voor publiek toegankelijke
plaats, vindt en onder zich neemt dan wel een aldaar gevonden
voorwerp van een ander overneemt, is verplicht binnen tweemaal
vierentwintig uur – zondagen en algemeen erkende feestdagen niet
medegerekend – dit goed te laten registreren en te bewaren of in
bewaring te geven op een door de gemeente aangegeven wijze en
daarbij alle inlichtingen te verschaffen welke kunnen leiden tot
de opsporing van de rechthebbende.
**2..** Het in het eerste lid gestelde gebod geldt niet indien de vinder
gezorgd heeft dat de rechthebbende of de verliezen terstond van
het vinden van bedoeld voorwerp op de hoogte gebracht is.
Hoofdstuk 5 › Afdeling 6
Artikel 5:21
Gevonden voorwerpen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening voor Delft