Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Intrekking vergunning

Onderdeel van Verordening speelautomatenhal 2008

De burgemeester zal de vergunning intrekken: indien de omstandigheden of inzichten op grond waarvan de vergunning is afgegeven zodanig zijn gewijzigd dat een situatie is ontstaan als bedoeld in artikel 8, eerste lid onder f.; indien gehandeld wordt in strijd met aan de vergunning verbonden voorschriften en beperkingen; indien de exploitatie van een speelautomatenhal voor een periode van langer dan zes maanden wordt onderbroken; indien de ondernemer van de speelautomatenhal strafbare feiten pleegt in de inrichting, dan wel toestaat of gedoogt dat in zijn inrichting strafbare feiten worden gepleegd; indien zich in de speelautomatenhal anderszins feiten hebben voorgedaan, die de vrees wettigen, dat het geopend blijven van de speelautomatenhal ernstig gevaar oplevert voor de openbare orde; indien het KEMA-keurcertificaat wordt verloren door de ondernemer.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel