Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel tegenprestatie.
Dronten, 12 juni 2012
Het college van Dronten,
R.Kool mr. A.B.L. de Jonge
secretaris burgemeester
ALGEMENE TOELICHTING
Inleiding
Per 1 januari 2012 is de tegenprestatie naar vermogen ingevoerd binnen de WWB, IOAW en IOAZ. Het college is daarmee bevoegd een belanghebbende te verplichten naar vermogen een tegenprestatie te verrichten (artikel 9 lid 1 onderdeel c WWB 2012 en artikel 37 IOAW en IOAZ).
De werkzaamheden in het kader van de tegenprestatie zijn bedoeld als tegenprestatie van mensen die een beroep doen op de solidariteit van de samenleving, waardoor deze tevens invulling geven aan hun maatschappelijke betrokkenheid.
Bij een tegenprestatie kan gedacht worden aan bijvoorbeeld activiteiten in een bejaardenhuis zoals het rondbrengen en schenken van koffie en thee, maar ook aan activiteiten in bijvoorbeeld een sportclub, kinderboerderij of speeltuin.
Uitgangspunten beleidsregel
Bij deze beleidsregel is uitgegaan van de volgende politieke keuzes:
Het verrichten van een tegenprestatie is geen verplichting;
Alle mensen die een beroep doen op de WWB, IOAW of IOAZ worden gestimuleerd een tegenprestatie te verrichten;
Een tegenprestatie is beperkt van duur en omvang;
Het college heeft een faciliterende taak, geen regisserende.
Geen verplichting
Er kleven diverse risico’s aan het opleggen van het verrichten van een tegenprestatie.
Zo kan de gemeente aansprakelijk worden gesteld voor schade die een belanghebbende lijdt of toebrengt aan anderen bij het verrichten van de tegenprestatie. Daarnaast kan loon gevorderd worden als de gemeente de bijstand niet toekent of later terugvordert. Dit is bijvoorbeeld het geval als de belanghebbende een voorliggende voorziening blijkt te hebben of als een gezinslid fraude heeft gepleegd. Tevens levert een verplichting extra werk op, waarvoor de gemeente geen extra geld heeft gekregen vanuit de wetgever. Tenslotte heeft de gemeente vanuit artikel 9 van de WWB al de mogelijkheid om de burger een maatregel op te leggen indien blijkt dat de burger geen gebruik wil maken van een door het college aangeboden voorziening, waaronder inbegrepen sociale activering (denk aan bijvoorbeeld vrijwilligerswerk). Deze trajecten, met behoud van uitkering, dienen primair nuttig te zijn voor de ontwikkeling van de betrokkene richting de arbeidsmarkt. Om deze redenen is er voor gekozen om het leveren van een tegenprestatie niet te verplichten.
2.Alle mensen die een beroep doen op de WWB, IOAW of IOAZ worden gestimuleerd
De tegenprestatie past in de visie van het gemeentebestuur, waarbij van iedere burger een bijdrage wordt gevraagd aan een verantwoordelijke samenleving. De belanghebbende wordt gevraagd actief te participeren. Later wordt de belanghebbende gevraagd of hij inderdaad een tegenprestatie heeft verricht. Indien er geen activiteiten vanuit de belanghebbende ondernomen zijn, wordt de belanghebbende aangesproken op zijn verantwoordelijkheden en motivatie.
3.Beperkte duur en omvang
De tegenprestatie hoeft naar zijn aard niets te maken te hebben met het re-integratietraject van de belanghebbende en is niet bedoeld als re-integratie instrument. Een belanghebbende kan dus totaal iets anders doen dan waar het re-integratietraject van de belanghebbende op gericht is.
Daarnaast moet de tegenprestatie aan de volgende voorwaarden voldoen:
de tegenprestatie mag niet in de weg staan aan acceptatie van algemeen geaccepteerde arbeid of aan de re-integratie gericht op arbeidsinschakeling;
de duur en omvang van de werkzaamheden dienen in de regel beperkt te zijn;
het gaat om ‘additionele onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden’. Onder additioneel wordt verstaan werkzaamheden die worden verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid en die niet leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt
Het college faciliteert (ondersteunt het proces)
Het college heeft een reactieve houding bij de uitvoering van de tegenprestatie. Het initiatief ligt bij de belanghebbende. De gemeente kan daarbij ondersteunen door de belanghebbende te adviseren. Echter, het college neemt geen besluiten.
ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING