In deze verordening wordt verstaan onder:
Stimuleringsfonds Volkshuisvesting: de Stichting
Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse Gemeenten (SVN)
te Hoevelaken;
subsidie: in deze verordening wordt onder subsidie verstaan de
aanspraak op financiële middelen in de vorm van laagrentende
stimuleringsleningen voor de in het beleidskader vastgelegde
voorzieningen aan monumenten;
het college: het college van burgemeester en wethouders van
Delft;
revolverend fonds: het geheel van de fondsdelen waaruit de
gemeente, op grond van haar deelnemingsovereenkomst en haar
aanvullende overeenkomst met het Stimuleringsfonds
Volkshuisvesting, stimuleringsleningen kan toekennen, en waarin
de rente en de aflossingen over deze leningen worden
teruggestort;
stimuleringslening: een laagrentende lening voor doeleinden
zoals omschreven in deze verordening, die door het
Stimuleringsfonds Volkshuisvesting wordt verstrekt ten laste van
het gemeentelijk revolverend fonds, een en ander op voordracht
van de gemeente;
marktrente: het gemiddelde rentepercentage dat het
Stimuleringsfonds Volkshuisvesting hanteert voor hypothecaire
leningen met een rentevaste periode van 10 en 15 jaar, zoals dit
geldt op het moment van het uitbrengen van de toekenning van de
stimuleringslening;
eigenaar: een natuurlijk persoon met het meest omvattende recht
op een zaak, waaronder mede begrepen:
degene die het recht van erfpacht heeft;
de houder van een recht van opstal;
de houder van een appartementsrecht;
degene die een beperkt zakelijk recht (vruchtgebruik)
heeft;
degene die kan aantonen in de nabije toekomst hieraan te
voldoen;
een vereniging van eigenaars als representant van
bovengenoemde natuurlijke personen;
monumenten: panden die zijn opgenomen in de monumentenlijst
zoals bedoeld in de gemeentelijke monumentenverordening;
plan of werk: het totaal van de te treffen voorzieningen;
goedgekeurde kosten: de goedgekeurde subsidiabele kosten
waarover een stimuleringslening wordt toegekend;