Het dagelijks bestuur biedt de rekening over het afgelopen jaar
en het jaarverslag, daarbij gevoegd de accountantsverklaring,
bedoeld in artikel 213, derde lid van de Gemeentewet, het
verslag van bevindingen, bedoeld in artikel 213, vierde lid van
de Gemeentewet, en de verslagen, bedoeld in artikel 213a, tweede
lid van de Gemeentewet jaarlijks vóór 1 april ter vaststelling
aan het algemeen bestuur aan onder gelijktijdige toezending aan
de colleges en de raden van de gemeenten.
De colleges en de raden van de gemeenten kunnen binnen twee
maanden na toezending bij het algemeen bestuur hun zienswijze
over de jaarrekening naar voren brengen.
Het algemeen bestuur stelt de jaarrekening vast vóór 1 juli,
volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft
Zij wordt binnen twee weken, doch in ieder geval vóór 15 juli,
met alle bijbehorende stukken en het jaarverslag aan
Gedeputeerde Staten aangeboden.
Vaststelling van de jaarrekening strekt het dagelijks bestuur
tot décharge, behoudens later in rechte gebleken valsheid in
geschrifte of andere onregelmatigheden.
HOOFDSTUK 10
Artikel 31
Jaarrekening
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Fryslân