Artikel 10a is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat
voor ‘een
beroepskracht of een andere, bij het kindercentrum werkzame persoon’
wordt
gelezen: een persoon, werkzaam bij het gastouderbureau, een gastouder of
een
volwassen huisgenoot van de gastouder.
Paragraaf 3.
Artikel 15.
Protocol kindermishandeling
Onderdeel van Verordening kwaliteitseisen kinderopvang en peuterspeelzalen Delft 2012