**1..** In een peuterspeelzaal vindt de opvang plaats in groepen, met dien
verstande dat in een peuterspeelzaalgroep ten hoogste zestien
kinderen gelijktijdig aanwezig zijn.
**2..** De houder van een peuterspeelzaal deelt de ouder en het kind mee tot
welke peuterspeelzaalgroep het kind behoort en welke beroepskrachten
op welke dag voor welke peuterspeelzaalgroep verantwoordelijk zijn
en welke vrijwilligers op deze dag aanwezig zijn.
**3..** Aan een kind worden ten hoogste drie vaste beroepskrachten in een
peuterspeelzaal toegewezen, waarvan per dag ten minste één
beroepskracht in een peuterspeelzaal werkzaam is in de
peuterspeelzaalgroep van dat kind. Deze beroepskrachten zijn tevens
aanspreekpunt voor de ouders van het kind.
**4..** In een peuterspeelzaalgroep is ten minste één beroepskracht
aanwezig.
**5..** Bij werk in een peuterspeelzaalgroep met meer dan acht feitelijk
aanwezige kinderen, doch ten hoogste zestien feitelijk aanwezige
kinderen, zijn er twee beroepskrachten of een beroepskracht en een
vrijwilliger aanwezig.
Paragraaf 5.
Artikel 23.
Aantal kinderen en omvang van de peuterspeelzaalgroep
Onderdeel van Verordening kwaliteitseisen kinderopvang en peuterspeelzalen Delft 2012