In deze verordening wordt verstaan onder:
a.subsidie:
de aanspraak op financiële middelen, door een bestuursorgaan verstrekt met
het oog op bepaalde activiteiten van de aanvrager, anders dan als betaling
voor aan het bestuursorgaan geleverde goederen of diensten.
b.activiteit:
elke vorm van handelen, of het nalaten daarvan, door een subsidieontvanger
zonder winstoogmerk.
c.subsidieplafond:
het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak per werksoort ten hoogste
beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies.
structurele subsidie: een subsidie die voor een of meer boekjaren
wordt verstrekt aan rechtspersonen ter bekostiging van hun
structurele actviteiten; afdeling 4.2.8. van de wet is hierop van
toepassing.
incidentele subsidie:
een subsidie voor een eenmalige activiteit die wordt verricht binnen twaalf
maanden nadat de aanvraag is ingediend.
f.werksoort:
een specifiek deel van het gemeentelijk beleid waarop activiteiten worden
uitgevoerd.
g.de wet: de Algemene wet bestuursrecht.