**1..** De houder van een inrichting
dient ten minste twee weken voor de aanvang van een
festiviteit waarvoor een verruiming van de
geluidsvoorschriften nodig is, een individuele
ontheffing van de geluidsnormen als bedoeld in de
artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Besluit en artikel
4:5 van deze verordening aan de vragen.
kan maximaal vier verruimingsdagen aanvragen
indien:
geen akoestisch onderzoek is uitgevoerd of de
resultaten niet beschikbaar worden gesteld;
uit een akoestisch onderzoek niet blijkt bij
welk zendniveau daarvan binnen de inrichting aan
de van toepassing zijnde geluidsnorm kan worden
voldaan of;
uit het akoestisch onderzoek blijkt dat het
aangetoonde zendniveau gelijk is aan of lager is
dan 80 dB(A).
kan, van de onder b genoemde aantal dagen, maximaal twee
verruimingsdagen aanvragen voor het ten gehore brengen
van muziek buiten de inrichting.
kan recht hebben of meerdere dagen dan genoemd in het
eerste lid onder b, indien uit een akoestisch onderzoek
blijkt dat het zendniveau binnen de inrichting hoger is
dan 80 dB(A). Voor het aantal toegestane
verruimingsdagen, boven op de in lid b genoemde dagen,
wordt verwezen naar de Regeling 'Geluid bij horeca,
horecagerelateerde festiviteiten en evenementen'.
**2..** Het is een inrichting toegestaan om tijdens maximaal 10
incidentele festiviteiten per kalenderjaar de verlichting langer
aan te houden ten behoeve van sportactiviteiten waarbij artikel
4.113 eerste lid van het Besluit niet van toepassing is. De
houder van een inrichting dient ten minste twee weken voor de
aanvang van een festiviteit waarvoor een ontheffing van
voorschrift 4.113 nodig is, deze aan te vragen.
**3..** Het college stelt een formulier vast voor het verzoeken om een
ontheffing.
**4..** Het verzoek om ontheffing wordt geacht te zijn gedaan wanneer
het formulier, volledig en naar waarheid ingevuld, tijdig is
ingeleverd op de plaats op dat formulier vermeld.
**5..** Het college kan op verzoek van de inrichtinghouder een
incidentele festiviteit die redelijkerwijs niet te voorzien was,
terstond toestaan.
**6..** Bij
festiviteiten die buiten de inrichting plaatsvinden,
bedraagt het equivalente geluidsniveau [LAeq]
gemeten op de gevel van geluidgevoelige gebouwen op een
hoogte van 1,5 meter, niet meer dan 80 dB(A) en/of 93
dB(C). Dit is inclusief onversterkte muziek.
festiviteiten die binnen de inrichting plaatsvinden,
bedraagt het equivalente geluidsniveau [LAeq]
gemeten op de gevel van geluidgevoelige gebouwen op een
hoogte van 1,5 meter, niet meer dan 60 dB(A) en/of 73
dB(C). Dit is inclusief onversterkte muziek.
de vaststelling van de waarden genoemd onder a en b
wordt geen toeslag toegepast voor de avond- of
nachtperiode en wordt geen straffactor voor muziekgeluid
toegekend. Tevens wordt de bedrijfsduurcorrectie buiten
beschouwing gelaten.
**7..** Op de dagen als bedoeld in het eerste lid wordt het ten gehore
brengen van extra muziek - hoger dan de geluidsnorm als bedoeld
in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Besluit en artikel
4:5 van deze verordening - uiterlijk te worden beeindigd:
om 24.00 uur, als na de festiviteit een werkdag
volgt:
om 01.00 uur, als na de festiviteit het weekend volgt of
een feestdag.
**8..** Bij het ten gehore brengen van muziekgeluid blijven ramen en
deuren gesloten, behoudens voor het onmiddellijk doorlaten van
personen of goederen.
Hoofdstuk 4. › Afdeling 1.
Artikel 4:3
Kennisgeving incidentele festiviteiten
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Gemeente Venray 2012