Lid 1.
Een voorziening kan slechts worden toegekend voor zover:
De noodzaak voor het te bereiken resultaat langdurig is, tenzij kortdurende hulp bij het huishouden of tijdelijke toekenning van deelname aan het collectief vraagafhankelijk vervoer, leidt tot het te bereiken resultaat.
De te verstrekken voorziening als de goedkoopst-compenserende voorziening aan te merken is.
Lid 2.
Geen voorziening wordt toegekend:
Indien de voorziening algemeen gebruikelijk is.
Indien de belanghebbende niet woonachtig is in de gemeente.
Voor zover een voorziening als die waarop de aanvraag betrekking heeft reeds eerder in het kader van enige wettelijke bepaling of regeling is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet verstreken is, tenzij de eerder vergoede of verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan belanghebbende zijn toe te rekenen, of tenzij belanghebbende geheel of gedeeltelijk tegemoetkomt in de veroorzaakte kosten.
Hoofdstuk 6
Artikel 21
Beperkingen
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Bladel 2012