Een referendum kan niet worden gehouden over besluiten:
over individuele kwesties, zoals benoemingen, ontslagen,
schorsingen, kwijtscheldingen, schenkingen,;
over de vaststelling van de gemeentelijke begroting en de rekening;
over het voor kennisgeving aannemen van notities en rapporten;
in het kader van deze verordening;
inhoudende een algemeen verbindend voorschrift dan wel de intrekking
daarvan;
waarbij het belang van het referendum niet opweegt tegen de
verantwoordelijkheid van de raad voor kwetsbare groepen en hun
plaats in de samenleving;
die naar het oordeel van de raad hun grondslag vinden in een eerder
genomen beslissing waarover een referendum is gehouden of kon worden
gehouden;
ter uitvoering van een besluit van het rijk of de provincie waarbij
de raad geen beleidsvrijheid heeft;
waarvan de inwerkingtreding of uitvoering niet kan worden uitgesteld
vanwege de daarmee gemoeide spoedeisende gemeentelijke
belangen;
als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onder a, van de Wet Algemene
regels herindeling;
waarvan de raad van mening is dat er andere dan bovengenoemde
dringende redenen zijn om geen referendum te houden.