Naar hoofdinhoud

Paragraaf 2

Artikel 2.7

Deugdelijk afmeren

Onderdeel van Havenreglement Papendrecht 2011

1.. Het is een ieder verboden te laden of te lossen, tenzij het schip op deugdelijke wijze is afgemeerd. 2.. Een zeeschip dat is afgemeerd: a.. heeft, voor zover het een zeeschip betreft met een lengte van meer dan 120 meter, op het voorschip een sleeptros aan dek gereed of tot de waterspiegel uitgevierd, die gebruiksklaar is; b.. is deugdelijk afgemeerd, waarbij, gelet op de plaatselijke omstandigheden en indien daartoe de mogelijkheid bestaat, de voor het afmeren gebruikte meerlijnen, als volgt zijn uitgegeven en gepositioneerd: 1°.. dwarslijnen staan zo dwars mogelijk en springlijnen staan zo parallel mogelijk ten opzichte van het zeeschip; 2°.. de verticale hoek van meerlijnen is tot een minimum beperkt, en; 3°.. alle meerlijnen die in dezelfde richting staan zijn van hetzelfde materiaal en hebben gelijke uitgegeven lengte en spanning; c.. heeft ligplaats ingenomen in de lengterichting ten opzichte van een ander afgemeerd schip met inachtneming van de volgende onderlinge afstand: 1°.. voor een zeeschip tot en met 120 meter; 0,1 x de lengte van het zeeschip met een minimum van 10 meter, en; 2°.. voor een zeeschip langer dan 120 meter; 0,1 x de lengte van het zeeschip met een minimum van 15 meter en een maximum van 35 meter, en; d.. in een boeienspan wordt, voor zover de plaatselijke omstandigheden dit toelaten, gemeerd met de boeg in de heersende windrichting en presenteert ten minste één anker. 3.. Het is verboden om de Safe Working Load van aan de wal geplaatste bolders te overschrijden. De Safe Working Load van bolders geldt bij een verticale troshoek van maximaal 45 graden. 4.. Het college kan van het in dit artikel bepaalde ontheffing of vrijstelling verlenen.

Rechtspraak bij dit artikel