De regeling voor de samenloop van verwijtbare gedragingen heeft betrekking op verschillende gedragingen van de belanghebbende die, min of meer, gelijktijdig hebben plaatsgevonden. Indien er sprake is van verschillende gedragingen waarvoor in een zelfde periode een maatregel opgelegd zou kunnen worden, kan voor deze verschillende gedragingen een maatregel worden opgelegd. De uitvoering geschiedt opeenvolgend en niet samengevoegd. Dit betekent dat indien er sprake is van drie maatregelen van één maand, in een aaneensluitende periode van drie maanden de betreffende besluiten worden uitgevoerd.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.8
– Samenloop van gedragingen
Onderdeel van Maatregelenverordening IOAW en IOAZ 2012