Naar hoofdinhoud
1.. De toeslag bedoeld in artikel 30, eerste lid, van de wet bedraagt 20 procent van de gehuwdennorm voor de jongere in wiens woning geen ander zijn hoofdverblijf heeft. 2.. De toeslag bedoeld in artikel 30, eerste lid, van de wet bedraagt 10 procent van de gehuwdennorm voor de jongere die met een ander zijn hoofdverblijf in dezelfde woning heeft. 3.. Voor de toepassing van dit artikel worden de volgende personen niet in aanmerking genomen als een ander die in dezelfde woning zijn hoofdverblijf heeft: verzorgingsbehoevenden en verzorgenden tussen wie een eerste- of tweedegraads bloed- of aanverwantschap bestaat; asielzoekers met een verstrekking als bedoeld in artikel 3 van de Regeling toekenning bevoegdheid aan COA tot uitsluiting bepaalde categorieën asielzoekers van verstrekkingen Rva 1997.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel