Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2. › AFDELING 6.

Artikel 2:15

Hinderlijke of gevaarlijke beplanting of voorwerpen

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Heusden (APV)

1.. Het is verboden beplanting of een voorwerp aan te brengen of te hebben op zodanige wijze dat aan het wegverkeer het vrije uitzicht wordt belemmerd of indien deze op andere wijze hinder of gevaar oplevert. 2.. Het is verboden op, aan of boven het voor voetgangers of (brom)fietsers bestemde deel van de weg op enigerlei wijze prikkeldraad, schrikdraad, puntdraad of andere scherpe voorwerpen aan te brengen of te hebben hangen lager dan 2,2 meter boven dat gedeelte van de weg. 3.. Het in het tweede lid gestelde verbod geldt niet ten aanzien van prikkeldraad, schrikdraad, puntdraad of andere scherpe voorwerpen, die op grotere afstand dan 0.25 m uit de uiterste boord van de weg, op van de weg af gerichte delen van een afscheiding zijn aangebracht. 4.. De in deze bepaling gestelde verboden gelden niet, voorzover in de daarin geregelde onderwerpen wordt voorzien door artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel