Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 26

Artikel 26

Onderdeel van Verordening op de pensioenen en wachtgelden

Het wachtgeld vervalt: indien de op wachtgeld gestelde aanspraak verkrijgt op pensioen uit de betrekking, waaruit hij wachtgeld genoot; indien hij bij herplaatsing in dienst van de Gemeente of van een gemeentelijke instelling een bezoldiging geniet, die met de vroeger door hem genotene minstens gelijk staat. Is deze bezoldiging lager, dan wordt het wachtgeld in het geval van art. 24 sub b verminderd tot de helft, in het geval van art. 24 sub a verminderd tot twee derden van het verschil tusschen bedoelde bezoldiging en de vroeger genotene.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel