**1..** De op de rechter maasoever gelegen sporen en gebouwen, welke op de aan deze overeenkomst gehechte en door beide partijen gewaarmerkte tekening, gemerkt I, met rode lijnen zijn aangeduid, alsmede de zogenaamde Verbindingsbaan, zijnde het spoor, hetwelk de genoemde sporen verbindt met de spoorweg Rotterdam-Schiedam, worden, hetzij uitsluitend hetzij ten dele, gebruikt voor het vervoer en de behandeling van stukgoederen. Deze sporen en gebouwen en alle daarbij behorende werken en inrichtingen – uitgezonderd de in de nabijheid van de Cath. Beersmansstraat tussen de sporen staande waterkraan – worden door partijen, met ingang van 41, gerekend te zijn een onderdeel van de spoorweg Rotterdam-Schiedam en dus niet te behoren tot de sporen en spoorwegwerken, waaromtrent bij de onderhavige overeenkomst een regeling wordt getroffen.
**2..** Voorts zullen tot de sporen en spoorwegwerken, waaromtrent bij de onderhavige overeenkomst een regeling wordt getroffen, niet behoren de op de rechter maasoever gelegen, door de Gemeente bekostigde sporen, die met rode lijnen zijn aangeduid op de aan deze overeenkomst gehechte en door beide partijen gewaarmerkte tekening, gemerkt II.
**3..** De in de vorige leden bedoelde sporencomplexen zullen, elk voor zich, het onderwerp uitmaken van een tussen partijen te sluiten afzonderlijke overeenkomst.
Artikel 1.