Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Titel 3

Artikel 3.9

A.B.C.-bepaling en anti-speculatiebeding

Onderdeel van Algemene verkoopvoorwaarden van onroerende zaken, niet zijnde bedrijfsterreinen  gemeente Kampen 2012

De Gemeente staat toe dat bij Projectmatige ontwikkeling Koper zijn recht op Overdracht van de Onroerende zaak overdraagt aan de kopers van de woningen op de door haar te bebouwen kavels, eventueel voordat die bebouwing tot stand is gekomen, onder de voorwaarde dat: in de tussen Koper en diens kopers (zijnde de Eindgebruikers) te sluiten overeenkomsten de artikelen aangegeven in de Koopovereenkomst integraal worden opgenomen c.q. ten behoeve van de Gemeente worden bedongen en aan de betreffende kopers worden opgelegd en voor en namens de Gemeente worden aangenomen; Koper zich tegenover de Gemeente garant stelt voor de bouw, waartoe zij zich tegenover de hiervoor bedoelde kopers heeft verplicht; en Koper in de afzonderlijke koopovereenkomsten met de Eindgebruikers het hierna vermelde anti-speculatiebeding als derdenbeding ex artikel 6:253 BW opneemt: “Het is de koper van een (in aanbouw zijnde) woning, op straffe van een boete ter grootte van tien procent (10%) van de koopsom, niet toegestaan de door hem/haar gekochte woning of bouwkavel aan een derde te vervreemden in de periode gelegen tussen de overdracht van de woning of bouwkavel en het moment van eerste bewoning, tenzij de vervreemding plaatsvindt op grond van artikel 3:174 of 3:268 van het Burgerlijk Wetboek. Het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Kampen kan van het hiervoor bepaalde ontheffing verlenen op grond van door koper aangevoerde bijzondere omstandigheden, welke buiten verhouding staan tot het algemeen belang dat met toepassing van deze bepaling zou zijn gediend en welke zou lijden tot kennelijke onbillijkheid. Het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Kampen kan aan de ontheffing aanvullende voorwaarden verbinden.” Bij niet-nakoming van de hiervoor vermelde voorwaarden, verbeurt Koper aan de Gemeente een direct opeisbare boete van € 115.000,--, waarnaast de Gemeente ook aanspraak kan maken op vergoeding van eventueel meer geleden schade en/of nakoming.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel